‘Waar ik ook heenging, altijd nam ik mijn spoelzakken mee’

Gepubliceerd op 31 augustus 2010 in de categorie Nieuw Leven.

Bij Gerrit van Rijssen (56) werd tijdens een voetbalkeuring – hij was toen begin twintig – geconstateerd dat zijn nieren niet goed functioneerden. Jarenlang werkte hij met veel plezier in de bouw, totdat zijn nierfunctie zo achteruitging dat hij uiteindelijk bijna werd afgekeurd en in 1999 moest dialyseren.
 

‘Waar ik ook heenging, altijd nam ik mijn spoelzakken mee’

’Er brak een zware periode aan toen ik hoorde dat mijn nierfunctie ernstig verslechterd was. Niet alleen voor mij, maar voor het hele gezin. Ik streed tegen een ziek lichaam, verbleef heel vaak in het ziekenhuis en moest mijn ziekte maar zien te accepteren, inclusief de veranderingen in mijn leven die de ziekte met zich meebracht. Maar ik bleef positief. Door te kiezen voor buikspoeling, waarbij ik vier keer per dag een wisseling moest doen en een nachtelijke wisseling aan de machine, was het zelfs mogelijk een baan als taxichauffeur vol te houden. Maar die job betekende ook flink improviseren. Soms spoelde ik in de taxibus, soms zelfs in hotels. Maar waar ik ook spoelde, iedereen toonde veel begrip!

Zo ging het vier jaar door. Regelmatig speelde ik met de gedachte aan een donornier. Ik stond immers op de lijst voor transplantatie.

Het was op een woensdagmiddag, zo’n zes jaar geleden, dat ik weer onderweg was met mijn taxi. Ik kreeg een oproep dat ik zo snel mogelijk naar huis moest: er was een donornier! Daarna raakte alles in een onoverzienbare stroomversnelling. Ik was bang en onzeker, en voordat ik het wist lag ik op de operatietafel. Helder nadenken? Onmogelijk!

Na de narcose volgden zes lange weken in het UMC Groningen. Ik leefde tussen hoop en vrees, de nier was te lang in shocktoestand geweest en er dreigde afstoting. Ondanks mijn positieve instelling volgden optimistische en pessimistische stemmingen elkaar in hoog tempo op: van gevoelens van spijt en machteloosheid tot stiekeme hoop.

De dagen na het weekend keerde het tij. De rust had me goed gedaan en liet zelfs de nier niet onberoerd: die sloeg aan! De weken die volgden, verliepen zo positief dat ik al snel te horen kreeg dat ik definitief naar huis mocht. Ik verliet het ziekenhuis... als miljonair! Daarbij zal ik de woorden van de arts nooit vergeten: “Hoe langer je hier ligt, des te beter dat soms is”.
Als ik later terugdenk aan die tijd, schieten me de herinneringen weer te binnen: fijne gesprekken met de artsen en de goede zorgen van al die verpleegsters!

Wat blijft is de verwondering. Want eigenlijk is het toch onvoorstelbaar dat je weer kunt fietsen zonder moe te worden en dat je weer weg kunt zonder op de dialysetijden te hoeven letten. Dankzij iemand die zijn nier wilde schenken kan ik nu genieten van mijn leven en werken als buschauffeur op een touringcar. Want wat is er nu mooier dan zulke nieuwe kansen te krijgen?’

Gerrit van Rijssen
Bron: Bron: Wisselwerking april 2010